Vrije keuze geboortezorg in het geding, waarschuwen vrouwenorganisaties

31 mei 2016

Een grote coalitie van vrouwenorganisaties ondersteunen deze week een brandbrief naar minister Schippers waarin zij de minister vragen te wachten met het plan om verzekeraars op een nieuwe manier de geboortezorg in te laten kopen. In de brief wordt gewezen op het belang eerst de vrije keuze voor zorgverlener en een gevarieerd zorgaanbod te garanderen, voordat er nieuwe beleidsregels worden vastgesteld. “De vrije keuze voor zorgverlener geldt voor iedereen in Nederland, dus ook voor zwangere vrouwen,” zeggen de vrouwenorganisaties.

 

Zwangere vrouwen melden zich meestal rond zes weken zwangerschap bij een zorgverlener naar keuze, meestal  de huisarts of de verloskundige. Halverwege de zwangerschap besluiten veel vrouwen waar ze graag willen bevallen. Momenteel is het mogelijk om naar een ziekenhuis van eigen keuze te gaan. Bovendien kan er tijdens de zwangerschap worden gewisseld van verloskundige praktijk, bijvoorbeeld vanwege verhuizing.

 

Het plan dat op 4 juli zal worden aangenomen waarborgt deze vrije keuze niet: eenmaal aangemeld bij een ‘geboortezorgorganisatie’ staat ook het hele budget voor de zorg vast bij die organisatie. Hierdoor kan een vrouw niet meer naar een andere ‘geboortezorgorganisatie’, ook niet als deze vrouw verhuist of als zij niet de gewenste zorg ontvangt.

 

 “Er is geen enkele reden waarom de vrije zorgkeuze voor alle Nederlanders geldt, behalve voor de 180.000 vrouwen die elk jaar bevallen,” aldus Anniek de Ruijter, voorzitter van het Clara Wichmann Fonds. “Keuzevrijheid in de zorg is een mensenrechtelijke waarborg, die niet alleen in het recht, maar ook in de praktijk moet worden bewerkstelligd. Alle vrouwen zijn anders en moeten daarom zelf kunnen kiezen van wie, hoe en waar ze geboortezorg ontvangen.”

Lees hier de brief.

 

De brief is ondertekend door ATRIA Instituut voor Emancipatie en Vrouwengeschiedenis, Women Inc, De Nederlandse Vrouwenraad, Proefprocessenfonds Clara Wichmann, Wo=Men -  Dutch Gender Platform, Rutgers-Kenniscentrum Seksualiteit en de Stichting Geboortebeweging.