Amsterdam, 21 september 2026 – Vandaag oordeelde het Hof Amsterdam in het hoger beroep in de zaak van 18 vrouwen tegen katholieke congregatie De Goede Herder: de vorderingen van vrouwen tegen de kloosterorde zijn verjaard. Al jarenlang eisen de vrouwen erkenning voor het leed dat hen en duizenden andere jonge vrouwen is aangedaan in de instellingen van de kloosterorde, waar zij dwangarbeid verrichtten. 

Tussen 1860 en 1979 werden duizenden meisjes en jonge vrouwen tewerkgesteld in de kloosters van de Zusters van de Goede Herder, onder meer in Bloemendaal, Tilburg, Zoeterwoude en Velp. Deze meisjes en vrouwen kwamen in de kloosters terecht omdat zij bijvoorbeeld een zwangerschap buiten het huwelijk hadden gehad of slachtoffer waren van huiselijk geweld. Zij verrichtten onbetaalde arbeid en kregen geen onderwijs. Als de vrouwen geen werk verrichtten, werd dit afgedwongen door bedreiging met een straf. Bijvoorbeeld met het inhouden van beloningen tot afzondering in een isoleercel. Sommige meisjes en vrouwen werden psychisch dan wel fysiek mishandeld en verwaarloosd. De meisjes en vrouwen verbleven vaak jarenlang in deze kloosters. 

Samen met Bureau Clara Wichmann stelden de eiseressen in 2019 de katholieke Congretatie aansprakelijk voor de materiële en immateriële schade die zij als gevolg van hun verblijf in de kloosters hebben geleden. In de periode dat de meisjes en vrouwen in de kloosters verbleven gold al de conventie van de Internationale Arbeidsorganisatie en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Op basis van deze verdragen is dwangarbeid, en zeker kinderarbeid verboden. Helaas wees de rechtbank Haarlem in 2023 hun vorderingen af omdat deze verjaard zouden zijn. De rechtbank erkende wel dat er dwangarbeid heeft plaatsgevonden. 

Het Hof Amsterdam wijst de vorderingen van de eiseressen af. Volgens het Hof zijn de vorderingen van eiseressen verjaard. Ondanks dat hier sprake was van dwangarbeid heeft het Hof de verjaring helaas niet willen doorbreken. Hierdoor heeft het Hof Amsterdam zich niet over het onderliggende historisch onrecht kunnen uitlaten en hoeft De Goede Herder de vrouwen niet in hun schade te vergoeden.  

Eiseressen hebben besloten om de juridische strijd door te zetten en de zaak aan de hoogste rechter voor te leggen, al dan niet tot aan het VN-Vrouwenverdrag Comité. In de kloosters van De Goede Herder zijn immers stelselmatig meisjes en vrouwen die door de maatschappij werden gestigmatiseerd slachtoffer geworden van een systeem dat was gestoeld op onder meer dwangarbeid. De gevolgen ervaren zij tot op de dag van vandaag. “Met dit oordeel blijven de meisjes en de vrouwen in het ongewis. Het historisch onrecht dat hen in de kloosters van De Goede Herder is aangedaan, blijft als een open wond, terwijl hier mensenrechtenschendingen hebben plaatsgevonden,” aldus Bureau Clara Wichmann, de organisatie die de zaak steunt. Liesbeth Zegveld, advocaat bij Prakken D’Oliveira en advocaat in de zaak, vult aan: ‘’Er is geen gegronde reden om deze zaak niet ook uit te zonderen van de verjaring wegens de enorme schaal van het onrecht, de bekendheid ermee aan de zijde van de Goede Herder en de benarde, afhankelijke positie van de meisjes, en het feit dat ze nog leven.’’ 

Deel dit artikel: